Laatste Berichten

Patty Brard en de SS Rotterdam

Zondagavond is altijd de avond om even door de agenda te bladeren. De afgelopen week nog even bekijken en zien dat alles goed gegaan is. Het artikel over de gouden vloer van Patty Brard is geredigeerd en goedgekeurd.  De nieuwe vereniging die in juli onder de naam Het Verbond verder gaat, wil dat ik hun magazine ga schrijven elk kwartaal en ik heb heel veel complimenten gekregen op mijn blog op mama.nl

Een goede week met een prima overnachting in de Bleeke Hoeve in Uddel en een portproeverij bij Het Prentenkabinet in Leiden. Ik was er al eens geweest om een interview te doen voor Horeca Entree.  En morgen is het een dagje Alphen aan den Rijn bij Kluthe, dinsdag schrijven en ‘s avonds met ViZi het vrouwennetwerk van Barendrecht en Rhoon op de SS Rotterdam Internationale Vrouwendag vieren. Woensdag ga ik kennismaken met mijn nieuwe opdrachtgever, Marton Panis van Zazza in Breda. Ik heb er heel veel zin in en zelfs het idee voor mijn column van volgende week voor mamsatwork.nl  begint in mijn hoofd al vorm te krijgen. Nu nog mijn lezers het verschil tussen die twee websites duidelijk maken. Gewoon veel lezen denk ik maar.

Laat de week maar komen, ik heb er veel zin in.

Lekkere werkweek

Druk weekje

Het is deze week weer eens ouderwets druk bij Putten Journalistiek en Tekstbehandeling. Leuke opdrachten waar de tanden in gezet konden worden en dat is dan ook wat ik heb gedaan. Twee columns geschreven voor o.a. www.mama.nl en www.mamsatwork.nl
Verder was er het interview met Antoine van de Vijver en Patty Brard en natuurlijk het aanvullende gesprek met de leverancier van hun gouden vloer Marton Panis van Zazza.

Het is altijd leuk wanneer een gesprek een zekere meerwaarde krijgt door de chemie tussen interviewer en geïnterviewde en dat mocht deze week twee keer het geval zijn. Van de Vijver is een enthousiaste en bijzonder vriendelijke man die openhartig over de aankoop en bouw van het huis sprak, Panis deed dat voor zijn bedrijf nog eens dunnetjes over. Het bewuste artikel verschijnt in de volgende uitgave van Welke Vloeren.

Panis (www.zazza.nl) gaf tijdens ons gesprek aan dringend op zoek te zijn naar een tekstschrijver en dus hebben we binnenkort een afspraak wat ik voor hem kan betekenen. Hoewel journalistiek een grote liefde van mij is, merk ik steeds vaker dat het commerciële schrijven daar nauwelijks voor onder doet. De gedrevenheid van ondernemers, de passie waarmee de meesten hun bedrijf leiden, vind ik vaak ontroerend. De journalist in mij herkent de blaaskaken direct en filtert die er genadeloos uit. De anderen draag ik een warm hart toe en ik schrijf graag voor hen.

En dan was er de noodkreet van Lisette Goddrie van Varia Passie voor Slapen die erin resulteerde dat ik vandaag – op zondag- vier persberichten heb geschreven. Heel bijzonder vind ik dat hun passie zo ver gaat dat ze dertig beddentesters hebben ‘aangesteld’ die drie maanden lang een matras gaan testen. Alleen logistiek al een pittige klus. De testers houden per week een blog bij op de site www.variapassievoorslapen.nl (waarvan de tekst door mij geredigeerd is) en zo kan iedereen meegenieten van de slaapkamergeheimen van de testers.

Een heerlijke werkweek dus en komende week is er ook weer degelijk schrijfwerk en vrijdag komt het NVGN Magazine uit. Die dag natuurlijk ook weer Putten uit het weeknieuws voor www.mamsatwork.nl. Op tijd inleveren want de week daarop wacht Kluthe weer op mijn inzet.
Ik vind het nog steeds een voorrecht dat ik zo’n mooi vak heb, dus kom maar met die opdrachten.

Het échte kerstverhaal

Het verhaal dat nooit verteld had mogen worden

Met voorzichtige, een beetje sloffende stapjes, liep de oude vrouw door de gangen van het paleis. Haar lange kleding sleepte wat over de grond en liet af en toe kleine stofjes opwolken. Ze liep niet snel, de eerbiedwaardige oude dame, maar wel beslist. Ze wist waar ze heen wilde. Ze liep door de gangen, sloot deuren achter zich en verdween steeds dieper in het paleis tot waar geen zonnestraal meer doordrong en geen geluid van buiten meer te horen was.
Ze ging naar de binnenste binnenkamer van het paleis waar ze nu al zo lang woonde. De kamer waar alle boeken en alle familieschatten werden bewaard en waar ze slechts één keer per jaar binnenschuifelde. Op de sterfdag van haar man, de Sultan aan wie ze als jong meisje was uitgehuwelijkt. Ze had geluk gehad; hij was een vriendelijke en liefhebbende man gebleken. Hoewel hij haar niet toestond tegen de regels van het paleis in te gaan, was hij haar op elke andere manier tegemoet gekomen. Ze had zelfs mogen leren lezen en schrijven.
Met zachte hand sloot ze de laatste deur achter zich en keek rond in het vertrek. De boeken, de kandelaars, de haard en de prachtige vloerkleden maakten het tot een warme kamer. Met vaste hand stak ze de kaarsen én de haard aan en genoot van de schaduwen die de vlammen op de boeken wierpen. Met een beslist gebaar schoof ze een aantal boeken opzij en diepte een klein schriftje op waarmee ze naar de stoel liep waarop ze voorzichtig ging zitten. Haar oude lichaam verdween bijna in de pluchen omhulling van de zetel. Ze sloot een moment haar ogen, opende toen het boekje en begon te lezen.

Lieve vrouw, ik vertel je dit verhaal dat je nooit aan iemand verder mag vertellen maar jou vertrouw ik dit geheim toe. Het is alweer lang geleden dat mijn vader het verhaal hoorde over een nieuwe koning van de Joden die volgens de profeet in Bethlehem geboren zou worden en die gevonden kon worden, door de ster te volgen. Hij sprak daarover met zijn vriend koning Melchior die hem vertelde dat zijn astrologen elke nacht de hemel afzochten naar deze ster. Het toeval wilde dat die ster verscheen toen mijn vader in het paleis van Melchior logeerde. Hij nam de uitnodiging om mee te reizen aan en zo vertrok Melchior naar het paleis van koning Caspar die zijn vriend de Morenkoning Balthasar op bezoek had. Met hun vieren begonnen ze de reis naar Bethlehem.
Het was een kleine karavaan en de ster leidde hen de eerste nacht in de richting van het westen. Tijdens een korte rustpauze hoorde mijn vader de drie koningsvrienden praten over de weg naar Bethlehem en de kortere route die Caspar dacht te weten. Ze besloten de ster niet langer te volgen en na een paar uur rust, trok de karavaan verder. Halverwege die eerste dag bleek dat ze de weg kwijt waren. Ze klopten bij een wijnboer aan en vroegen de weg naar Bethlehem. De man onthaalde hen gastvrij en schonk rijkelijk zijn schuimende wijn in mooie zilveren kelken. Hij vroeg hen naar het doel van hun reis en zij vertelden hun gastheer over de nieuwe koning der Joden die geboren moest zijn. De wijnboer verheugde zich over deze geboorte. ‘Ik heb bij de Profeet gelezen dat Hij een Verlosser zal zijn. De wereld kan een verlosser gebruiken’ zei hij en vroeg hen even te wachten en nog een beker wijn te drinken terwijl hij iets ging halen. Hij kwam terug met een kostbaar kistje met wierook. ‘Geeft u dit aan de nieuwe koning’, vroeg hij ‘het zal Zijn omgeving zuiveren en de mensen om hem heen rust geven.’ Melchior stak zijn hand uit en borg het kistje wierook onder zijn mantel met de belofte het aan de boreling te overhandigen. Vervolgens sloegen zij hun mantels om zich heen en vervolgden hun weg in de goede richting.

Die nacht lieten ze zich weer door de ster leiden. Maar de volgende dag hadden ze haast en dus bleven de kamelen gezadeld en reisden ze door. En weer ging het fout, midden in de woestijn hadden ze geen idee hoe ze verder moesten. Ze waren dan ook zeer verheugd toen er een handelskaravaan aan de horizon verscheen. Weer vroegen ze de weg naar Bethlehem en de rijke handelsman verheugde zich over hun doel: de nieuwe koning der Joden. Hij wees hen de juiste weg en vroeg hen of ze een gift van hem aan de nieuwgeborene wilden overhandigen. Uit een van de zadeltassen van zijn kamelen haalde hij een klein met goud beschilderd flaconnetje. ‘Dit heren, is de zuiverste mirre die er in deze streken te koop is. Ik geef u deze balsem mee om de nieuwe koning te zalven en spiritueel te reinigen. Neem dit nederige geschenk van mij aan om zo mijn eerbied aan Hem tot uitdrukking te brengen.’
Namens hen drieën nam Balthasar het geschenk aan en omdat het inmiddels donker was geworden, was het eenvoudig om de goede weg weer te bereizen, door de stralende ster aan de hemel te volgen.

Mijn vader vertelde dat het een veilige reis was in goede harmonie, maar dat de haast groot was. De verwachting de nieuwe koning der Joden te mogen begroeten, dreef hen voort. Dus ook de volgende dag werd er slechts kort gerust en dreven de bedienden de kamelen waarop de koningen hun tocht maakten, weer aan. Mijn vader was net zo verwachtingsvol als zijn vrienden, hij voelde zich bevoorrecht deze reis te mogen meemaken. Maar hij vertelde mij dat hij wel even zijn hoofd schudde toen ook op de derde dag, de groep hopeloos verdwaald raakte. Zonder ster was het lastig reizen en zo kwamen ze die dag in een kleine, maar keurig onderhouden nederzetting. Het bleek dat het hoofd van die kleine gemeenschap een goudsmid was die met zijn leefgenoten, prijs stelde op een rustige en tevreden leefomgeving. Er heerste vrede en rust in deze kleine commune. Op vriendelijke wijze onthaalde de goudsmid de drie koningen en ook ik mocht binnenkomen in zijn bescheiden woning. Hij vroeg ons naar ons reisdoel en Melchior vertelde hem van de nieuwe koning der Joden. De goudsmid knikte bevestigend met zijn hoofd: hij had daarover inderdaad bij de Profeet gelezen. Hij was verheugd dat het nu eindelijk zo ver was. ‘Ik hoop dat met deze nieuwe koning, onze wereld een betere en eerlijker wereld wordt. Dat we als mensheid ons kunnen gaan richten op wat onze bestemming is: met mededogen en een helpende hand naar elkander reiken om zo onze lotsbestemming te vervullen.’ Mijn vrienden waren onder de indruk van deze wijze woorden en beloofden de goudsmid deze boodschap verder uit te dragen. De oude man verzocht hen nog even te rusten en de nacht in zijn huis af te wachten zodat zij het laatste deel van hun reis de ster konden volgen. ‘Sta mij toe heren, u een geschenk mee te geven voor onze nieuwe koning die ik hoogacht’, en hij haalde uit een goed afgesloten holte onder de grond een zakje tevoorschijn. ‘Geeft u dit goud aan mijn Heer en ik zal u eeuwig dankbaar zijn’, waren zijn woorden waarmee hij zijn gave aan Caspar overhandigde die het met een lichte hoofdknik in ontvangst nam.

De laatste nacht van onze reis volgden we de ster en kwamen zo in Bethlehem bij een stal waar we een pasgeboren kind vonden, in doeken gewikkeld en verwarmd door de adem van de os en de ezel in zijn stal. Mijn vrienden begroetten het kind en zijn ouders, ik bleef een eindje achter hen, ik had het gevoel daar niet bij te horen en ik verborg me tussen de schapen van de herders die er ook waren. Zo kon ik zien dat de drie vrienden hun geschenken aan de nieuwe koning der Joden overhandigden. Ik hoorde de herders op hun fluiten vreugdevolle muziek spelen en ik bedacht me dat het raar kan lopen in het leven: dat de onbaatzuchtige daden van mensen op ons levenspad, de liefde die uitgaat van een simpel gebaar, uit goedheid gemaakt, zo’n grote impact op de geschiedenis kan hebben. Dat we dankzij de medemenselijkheid van een onbekende voorbijganger, met geschenken beladen door het leven kunnen gaan. Denk erom lieve vrouw dit verhaal mag niet worden verteld, je bent de enige met wie ik het wil delen. Het ga je goed, mijn liefste. Ik heb van jou veel onbaatzuchtige gebaren en daden mogen ervaren in mijn leven.

De Sultane las de laatste woorden met tranen in haar ogen en besloot dat het zo goed was. Ze wierp het boekje in de vlammen van de haard en zag de bladzijdes zich langzaam krullen tot ze tot as verwerden. Zoals ook spoedig haar leven zich zou krullen en zou opgaan in de kosmos.
Hoe het verhaal uit het verbrande boekje bij mij terechtkwam? Dat kan ik niet vertellen, maar ik ben blij met de wijsheid die het me leerde.

Nieuwjaarsverhaal

Een moderne Nieuwjaarsvertelling

De wijzers waren wijzer

Met een vrolijk getinkel stoten de glazen nog eens tegen elkaar en met een beschaafd krakend geluid verdwijnt een toastje met kaviaar in de donkere diepte van een keelgat. Het is feest en dat willen de gasten weten ook.

‘Is het nog steeds geen twaalf uur’, schreeuwt er eentje, waarop een enthousiast gejoel klinkt omdat de klok overduidelijk aangeeft dat dát tijdstip nog tien minuten en dus zeker twee glazen van het moment van vragen verwijderd ligt.
In de hoek staat een televisie waar allerlei geluidloze beelden duidelijk maken dat ze niet de enigen zijn die feestelijk en ongeremd het nieuwe jaar willen binnenhalen. In flitsen laat het scherm beelden zien van feesten die overal in het land worden gehouden. Mensen die vol verwachting de overal verlichte klokken en kerktorens in de gaten houden. ‘Ik krijg hier echt een kick van’, zegt een meisje tegen een man die ze een half uur geleden nog niet kende. Ze kruipt wat dichter tegen hem aan; de komst van het nieuwe jaar roept blijkbaar romantische gevoelens bij haar op.

Pirouette
Ogenschijnlijk onvermoeid en met grote souplesse lopen de obers tussen de hossende mensen in het café. De bestellingen worden over de hoofden heen geroepen, de grote glazen bier schuimen over de rand en achter de bar staat een vrouw champagneflessen open te trekken. Nou ja, champagne, het bubbelt en sprankelt en om twaalf uur kijkt men niet meer zo nauw, als het maar feest is. De wijzers van de klok naderen elkaar nu met grote gestaagheid, over drie minuten zullen ze elkaar passeren en wordt dit jaar definitief geschrapt en vervangen door het nieuwe. Een van de gasten in het café pakt een knul rond zijn middel en probeert in de benauwde ruimte een pirouette met hem te draaien. ‘Van mij mag dit feest eeuwig duren’, schreeuwt hij in het oor van de jongen. Die kijkt alleen maar verliefd terug en knikt.

Twintig seconden
Op het grote plein waar de kerstboom nog vrolijk met zijn lichtjes staat te pronken, stijgt de spanning. Nog één minuut en dan is het zo ver: het vuurwerk kan de lucht in. De meegebrachte plastic bekertjes met ondefinieerbare inhoud kunnen dan omhoog om een toost uit te brengen en er kan worden gezoend. Giechelende meisjes, puisterige pubers maar ook enthousiaste senioren willen helemaal niets van dat moment missen. De beelden van het grote stadsfeest verschijnen in de kamer van de feestvierders die inmiddels het geluid van de televisie harder hebben gezet. ‘Nog twintig seconden’, roept een student die blijkbaar de spanning niet langer aan kan en perse iets wil zeggen. ‘Dan gaan we toch feesten mensen, wat mij betreft hou ik nooit meer op.’

Paniek
Drie dagen later vaardigt het parlement een speciale verordening uit waarbij particuliere auto’s kunnen worden gevorderd voor ziekenvervoer. Iedereen met een medische achtergrond wordt opgeroepen om verplicht dienst te draaien in de overvolle ziekenhuizen, scholen en andere gebouwen waar mensen overhaast naar toe worden gebracht. Er is bijna niemand die op eigen kracht nog ergens kan komen, alleen de mensen die in die nieuwjaarsnacht dienst hadden en dus niet konden feesten en drinken, zijn nog in staat om hulp te bieden. De openbare nutsbedrijven leveren nog maar mondjesmaat stroom en water. Winkels zijn soms wel en soms niet geopend. De kerken hebben hun deuren geopend, maar er zijn niet veel mensen die het constante gebeier van de klokken boven hun hoofd nog kunnen verdragen.
Er is paniek: met grote hardnekkigheid wijzen alle klokken in het hele land dezelfde tijd aan. Twaalf uur middernacht. Want waar de mens niet kon wachten zijn opportunistische en materialistische leventje weer een volgend nieuw jaar in te sleuren, was de tijd wijzer

Noodstop
Moe van de inhoudloosheid van het bestaan van velen, de jacht naar geld, roem en ledigheid hebben de wijzers besloten dat de ontmenselijking van de wereld niet in het nieuwe jaar mag worden voortgezet. Ze kozen voor de enige manier om dat in een dolgedraaide wereld te kunnen realiseren: de tijd zette zich tussen twee jaren gewoon stil. Het duurde alleen een paar dagen voordat de mens dat doorhad.
Pas toen alle drank door de keelgaten was gegoten, het vuurwerk alleen nog uit rode snippers bestond en benen van vermoeidheid begonnen te wankelen, pas toen drong het tot de feestende massa door. Er zou geen nieuw jaar aanbreken, het leven zoals men dat kende was tot een noodzakelijke noodstop gebracht.

Nu, de derde dag van het nieuwe jaar heeft het romantische meisje haar aanbidder al lang weer afgeschreven. In het café zal voorlopig geen dansje meer worden gemaakt. De mensheid probeert voorzichtig te begrijpen wat de wijzers van de klok hen duidelijk willen maken en hoe ze met deze nieuwe situatie moeten omgaan.
Heel voorzichtig ontstaat het besef dat daarvoor veel meer nodig is dan de wijzers een duwtje te geven. Dat het aftuigen van de kerstboom op het grote plein een praktische bezigheid is, die niets te maken heeft met het inhalen van de achterstand in groei die de mensheid zich op de hals gehaald heeft. En terwijl het verschaalde bier door de spoelbakken loopt en de oliebollen langzaam beschimmelen, komen ook heel voorzichtig de berichten door van mensen die het wél weten, die wél begrijpen hoe het verder moet. Waar hun wijsheid in het verleden werd weggehoond, hun sereniteit en oprechtheid als naïef en vooral niet winstgevend werd beschouwd, is er nu een voorzichtige kennismaking met hun ervaring en geestkracht. Zij hebben het oude jaar in die nacht met liefde en dankbaarheid gedag gezegd en met vriendelijkheid zijn opvolger verwelkomt. Zij fungeren nu met diezelfde wijsheid en in liefde als de wegwijzers voor de dolgedraaide massa.

En pas toen de ziekenhuizen leeg waren, op de scholen weer les werd gegeven en het café grondig geschrobd was, besloten de wijzers van de klok dat de mensheid een nieuwe kans verdiende. En midden in de nacht, toen niemand keek, besloten ze voorzichtig om de nieuwe minuten op het volk los te laten. In de hoop dat ze zo’n stunt nooit meer hoefden uit te halen.

Eigen wijs en paracetamol

Moet je een blog schrijven als het buiten regent, Radio 2 op Adres Onbekend staat en je oogleden op half hangen omdat de omhoogstand niet haalbaar is? Waarschijnlijk niet en dus doe ik het wel omdat enige eigenwijsheid (of is het eigen wijsheid?) mij niet vreemd is. Ook wel graag gedefinieerd als karakter en persoonlijkheid. Door een groot deel van de mensheid nagestreefd als ideaal want wie wil nou gemiddeld zijn? Des te erger schrikken is wanneer de uitslag van weer eens een ‘persoonlijkheidstest’  in een glossy, de uitkomst weer aangeeft dat mijn kop amper boven het maaiveld uitsteekt. Met als prettige bijkomstigheid dat niemand hem er dan af hoeft te maaien. Hetgeen dozen en dozen paracetamol scheelt.

Daarmee verval ik nog verder in de middelmatigheid want dus zelfs op dat punt kan ik mezelf geen big spender noemen. De apotheek zal het echt van zijn nog steeds ietwat verkapte en soms illegaal verkegen bonussen moeten hebben, en niet van mijn besteding aan paracetamollen of hoestdrankjes. De PC Hooft heeft me nog nooit voorbij zien wandelen en een spiksplinternieuwe auto heb ik ook nog nooit afgerekend. De kroegbaas hoeft geen streepjes op  mijn kerfstok te zetten en mijn schoenen passen allemaal nog in één kast.

Nee, als het regent, de radio aanstaat en je ogen niet open willen, kun je beter geen blog schrijven. Waarbij ik overigens geen garantie geef, dat dagen van zonnenschijn en Janine Jansen die in mijn woonkamer staat te oefenen samen met Trijntje Oosterhuis en – absolute topper- Adéle, een betere tekst oplevert. Nee hoor, het is gewoon het ego dat niet langer kan wachten om mijn blogdeel van de website te vullen. Daarmee helemaal tegemoet komend aan de constatering dat ik dus voor eens en voor altijd gemiddeld ben, want wachten en ego’s is de parameter van de gemiddelde mensheid. Alleen niet voor jou als lezer natuurlijk, dus dank je wel dat je tot het eind mijn letters hebt geconsumeerd. Je bent meer dan gemiddeld, je bent top en steekt met kop en schouders boven het maaiveld uit.

Au! Paracetamolletje nodig?